Regionale verschillen in onderwijskansen
Onderstaande samenvatting is gebaseerd op bevindingen uit het rapport De Staat van het Onderwijs 2026 van de Inspectie van het Onderwijs en bijbehorende technische rapporten:
Uit het recente rapport De Staat van het Onderwijs 2026 van de Inspectie van het Onderwijs blijkt opnieuw dat de kansen van leerlingen in Nederland niet overal gelijk zijn. Waar een kind opgroeit, heeft aantoonbaar invloed op de schoolloopbaan die het doorloopt – en daarmee uiteindelijk ook op de positie op de arbeidsmarkt (Inspectie van het Onderwijs, 2026).
De inspectie signaleert structurele verschillen tussen regio's, met name tussen de Randstad en noordelijke, oostelijke en zuidelijke gebieden. In zeer sterk stedelijke gebieden zoals de Randstad worden schooladviezen na de doorstroomtoets in groep 8 vaker naar boven bijgesteld dan in andere delen van het land: in schooljaar 2023-2024 ging het gemiddeld om 88% van de adviezen die voor herziening in aanmerking kwamen, tegenover 68% in de niet tot weinig stedelijke gebieden (DUO, 2025c). In die laatste regio's komt het — ook na de invoering van de Wet doorstroomtoetsen po — vaker voor dat leerlingen wel in aanmerking komen voor bijstelling van het schooladvies maar dit toch niet gebeurt. Uit aanvullend onderzoek van de inspectie blijkt dat dit verschil ook blijft bestaan als rekening wordt gehouden met achtergrondkenmerken van de leerlingen, zoals het opleidingsniveau van de ouders, het huishoudinkomen en de migratieachtergrond. Aan de verschillen liggen mogelijk regionale (cultuur)verschillen ten grondslag (Inspectie van het Onderwijs, 2026o).
Volgens de inspectie is er sprake van zowel onder- als overadvisering, afhankelijk van de regio. Die mechanismen versterken bestaande ongelijkheden, omdat ze niet vanzelf worden gecorrigeerd in het voortgezet onderwijs. Regionale verschillen in advisering werken door in de positie van leerlingen in leerjaar 3 van het vo: leerlingen in het noorden en oosten met bijvoorbeeld een vmbo-(g)t/havo toetsadvies zitten vaker op het vmbo-(g)t, terwijl leerlingen met hetzelfde toetsadvies in de Randstad vaker naar de havo gaan (Inspectie van het Onderwijs, 2026o).
Ook in de verdere onderwijsloopbaan blijven verschillen zichtbaar. Leerlingen in de Randstad maken vaker gebruik van de mogelijkheid om te “stapelen” via havo en vwo. Zo stroomt in de Gooi- en Vechtstreek ruim 20% van de vmbo-(g)t-gediplomeerden door naar de havo, terwijl dit in sommige regio's in het noorden en oosten van het land minder dan 10% is (Inspectie van het Onderwijs, 2026o). De gevolgde route heeft uiteindelijk gevolgen op de arbeidsmarkt: afhankelijk van de mbo-opleiding en de eerdere schoolloopbaan verschillen het mediaan uurloon, het aandeel met een (voltijd)baan en de kans op een baan van minstens 12 uur per week (Inspectie van het Onderwijs, 2026I).
Opvallend is dat de inspectie benadrukt dat een hoger onderwijsniveau niet automatisch beter is. Het gaat volgens het rapport om passende plaatsing van talenten van alle leerlingen, niet om een hiërarchie van routes. Tegelijkertijd stelt de inspectie vast dat de maatschappelijke uitkomsten van die routes wel verschillen (Inspectie van het Onderwijs, 2026).
Naast deze regionale ongelijkheden signaleert het rapport bredere knelpunten in het onderwijs, zoals druk op de onderwijskwaliteit (Inspectie van het Onderwijs, 2026k), achterblijvende basisvaardigheden (Inspectie van het Onderwijs, 2026i) en hoge werkdruk bij schoolleiders en leraren (Inspectie van het Onderwijs, 2026m). Ook wordt gewezen op de invloed van sociale en digitale omgevingen op de veiligheid en ontwikkeling van leerlingen (Inspectie van het Onderwijs, 2026s).
De kernconclusie van de inspectie is dat deze patronen hardnekkig zijn en niet eenvoudig op te lossen, maar dat bewustwording van regionale verschillen een noodzakelijke eerste stap is richting meer gelijke kansen in het onderwijs.
Uit ‘Rapport De Staat van het Onderwijs 2026’. Download hier.
Geraadpleegde bronnen
DUO (2025c). Monitor schooladvies en doorstroomtoets 2023-2024. Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO).
Inspectie van het Onderwijs (2026). De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026i). Technisch rapport basisvaardigheden. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026k). Technisch rapport kwaliteit van het onderwijs. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026l). Technisch rapport onderwijsloopbanen. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026m). Technisch rapport onderwijsprofessionals. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026o). Technisch rapport regionale verschillen in het onderwijs. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.
Inspectie van het Onderwijs (2026s). Technisch rapport veiligheid. De Staat van het Onderwijs 2026. Inspectie van het Onderwijs.